Dataset
Naam
nl
Archeologisch rapport Archis3 ID 5470046100
Omschrijving
nl
In opdracht van Omgevingsdienst Midden-Holland heeft ADC ArcheoProjecten in september en oktober 2023 een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een beknopt bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek uitgevoerd op de locatie Koningin Wilhelminaweg en omgeving te Gouda. In een eerder stadium is voor een ontwikkeling nabij de onderzoekslocatie een bureauonderzoek uitgevoerd en een archeologische begeleiding geadviseerd. De resultaten van dit bureauonderzoek zijn in het onderhavige bureauonderzoek samengevat en aangevuld met gegevens van de huidige locatie om te komen tot een archeologische verwachting van het plangebied. Vervolgens is deze verwachting getoetst door middel van een verkennend booronderzoek.
Uit het aanvullende bureauonderzoek is gebleken dat in het plangebied met name bewoningssporen uit de Volle en Late Middeleeuwen verwacht worden. Deze resten bevinden zich langs de Gouwe, die diende als ontginningsas.
Teneinde deze verwachting te toetsen en aan te vullen is in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek is de natuurlijke ondergrond niet bereikt. Alle boringen zijn gestuit op een ondoordringbare laag tussen 1,20 m en 1,65 m -mv, of 1,35 m en 1,90 m -NAP. De bovengrond in het plangebied bestaat uit opgebrachte zandpakketten op een verhardingslaag. Het was niet mogelijk handmatig door deze verharding te boren, het is onbekend hoe diep het opgebrachte en/of verstoorde pakket hieronder reikt.
Op basis van onderzoek elders in Gouda wordt aangenomen dat het verharde pakket circa 0,30 m dik is, met daaronder nog een laag ophoogzand. Elders in Gouda reikt het ophogingspakket tot een diepte van ca. 2,5 of 3 m -mv. Milieukundige boringen ter plaatse van het plangebied bevestigen dit beeld. In het huidige onderzoek is de natuurlijke ondergrond niet bereikt. Over de aard van de overgang of de diepteligging is daarom geen uitspraak te doen. Over de aard van de overgang of de diepteligging is daarom geen uitspraak te doen.
ADC ArcheoProjecten adviseert om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling, tot een verstoringsdiepte van 230 cm -mv ter plaatse van de Goudkade, Onder de Boompjes en de Wilhelminaweg. Indien de graafwerkzaamheden dieper reiken adviseert ADC ArcheoProjecten om een vervolgonderzoek uit te voeren ter plaatse van de Goudkade, Onder de Boompjes en de Wilhelminaweg. Hoewel de exacte invulling van de geplande ontwikkelingen nog niet bekend is, zal de maximale verstoringsdiepte op circa 3 m -mv liggen. Ter plaatse van de brug is geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Gezien de ligging van het plangebied op een doorgaande weg is de meest geschikte vorm van dit vervolgonderzoek een IVOP – variant archeologische begeleiding. Dit betreft de archeologische begeleiding van de voorgenomen graafwerkzaamheden. De archeologische begeleiding dient hetzelfde doel als een inventariserend veldonderzoek door middel van het aanleggen van proefsleuven. Dit betekent dat indien bij de civiele werkzaamheden vondsten of archeologische sporen worden aangetroffen, deze worden geregistreerd en, in zover de werkzaamheden dat toelaten, worden gedocumenteerd. De exacte invulling van de werkzaamheden dient voorafgaand aan het veldwerk te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE). Het is altijd mogelijk dat tijdens grondwerkzaamheden onverwacht archeologische vondsten aan het licht komen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van de grondwerkzaamheden te wijzen op de plicht deze zogenoemde toevalsvondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. De melding dient behalve bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) tevens plaats te vinden bij de gemeente Gouda.
Wij wijzen erop dat de bevoegde overheid op basis van dit rapport een selectiebesluit neemt. De mogelijkheid bestaat dat dit selectiebesluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.
Uit het aanvullende bureauonderzoek is gebleken dat in het plangebied met name bewoningssporen uit de Volle en Late Middeleeuwen verwacht worden. Deze resten bevinden zich langs de Gouwe, die diende als ontginningsas.
Teneinde deze verwachting te toetsen en aan te vullen is in het plangebied een verkennend booronderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek is de natuurlijke ondergrond niet bereikt. Alle boringen zijn gestuit op een ondoordringbare laag tussen 1,20 m en 1,65 m -mv, of 1,35 m en 1,90 m -NAP. De bovengrond in het plangebied bestaat uit opgebrachte zandpakketten op een verhardingslaag. Het was niet mogelijk handmatig door deze verharding te boren, het is onbekend hoe diep het opgebrachte en/of verstoorde pakket hieronder reikt.
Op basis van onderzoek elders in Gouda wordt aangenomen dat het verharde pakket circa 0,30 m dik is, met daaronder nog een laag ophoogzand. Elders in Gouda reikt het ophogingspakket tot een diepte van ca. 2,5 of 3 m -mv. Milieukundige boringen ter plaatse van het plangebied bevestigen dit beeld. In het huidige onderzoek is de natuurlijke ondergrond niet bereikt. Over de aard van de overgang of de diepteligging is daarom geen uitspraak te doen. Over de aard van de overgang of de diepteligging is daarom geen uitspraak te doen.
ADC ArcheoProjecten adviseert om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling, tot een verstoringsdiepte van 230 cm -mv ter plaatse van de Goudkade, Onder de Boompjes en de Wilhelminaweg. Indien de graafwerkzaamheden dieper reiken adviseert ADC ArcheoProjecten om een vervolgonderzoek uit te voeren ter plaatse van de Goudkade, Onder de Boompjes en de Wilhelminaweg. Hoewel de exacte invulling van de geplande ontwikkelingen nog niet bekend is, zal de maximale verstoringsdiepte op circa 3 m -mv liggen. Ter plaatse van de brug is geen vervolgonderzoek noodzakelijk. Gezien de ligging van het plangebied op een doorgaande weg is de meest geschikte vorm van dit vervolgonderzoek een IVOP – variant archeologische begeleiding. Dit betreft de archeologische begeleiding van de voorgenomen graafwerkzaamheden. De archeologische begeleiding dient hetzelfde doel als een inventariserend veldonderzoek door middel van het aanleggen van proefsleuven. Dit betekent dat indien bij de civiele werkzaamheden vondsten of archeologische sporen worden aangetroffen, deze worden geregistreerd en, in zover de werkzaamheden dat toelaten, worden gedocumenteerd. De exacte invulling van de werkzaamheden dient voorafgaand aan het veldwerk te worden vastgelegd in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE). Het is altijd mogelijk dat tijdens grondwerkzaamheden onverwacht archeologische vondsten aan het licht komen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van de grondwerkzaamheden te wijzen op de plicht deze zogenoemde toevalsvondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. De melding dient behalve bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) tevens plaats te vinden bij de gemeente Gouda.
Wij wijzen erop dat de bevoegde overheid op basis van dit rapport een selectiebesluit neemt. De mogelijkheid bestaat dat dit selectiebesluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.
Datum publicatie
2023
Aanvullend type
Zaak in Archis
Heeft topologische relatie
Koningin Wilhelminaweg oa
Periode
Geometrie
Steekwoorden
BU+IVO-V
Identifier
gis-gouda-nl/V_ARCH_ONDERZOEK.108
Permalink
- Collecties
- Archeologische rapporten Gouda
Commentaar
No comment yet! Log in and be the first to add one!