-
Derde Hugo de Vrieshof
Genoemd naar zie Hugo de Vriestaan.
-
Eerste E.J. Potgieterstraat
Genoemd naar Everhardus Johannes Potgieter (1808 - 1875), een Nederlandse dichter en schrijver. Potgieter was in 1837 één van de oprichters en daarna, tot 1866, één van de redacteuren van het tijdschrift 'De Gids'. Potgieters werk is over het algemeen kritisch en heeft een melancholische stemming. Hij bewonderde de Nederlandse maatschappij in de Gouden Eeuw en streed tegen de trage 19e eeuwse volksgeest en lamlendigheid in de persoon van Jan Salie. Enkele van zijn geschriften zijn 'Jan, Jannetje en hun jongste kind', waarin hij de Jan-Saliegeest van zijn tijd hekelt, en 'Het Rijksmuseum in Amsterdam', waarin hij Gouden Eeuw verheerlijkt. Van zijn gedichten is onder andere 'Florence' nog steeds bekend.
-
Eerste Hieronymus van Alphenstraat
Genoemd naar mr. Hieronymus van Alphen (1746 - 1803), een Nederlandse jurist, schrijver en kinderdichter. De in Gouda geboren van Alphen werd in 1768 advocaat in Utrecht. In 1780 werd hij procureur-generaal. In 1789 werd hij in Leiden benoemd tot stadspensionaris (een jurist die het stadsbestuur adviseerde) en vier jaar later tot Thesaurier-Generaal ('minister van financiën') van de Republiek der Verenigde Nederlanden. Toen in 1795 de Republiek ineenstortte legde hij als overtuigd Orangist zijn functie neer. Van Alphen schreef hoofdzakelijk vrome poëzie voor volwassenen en kunsttheoretische en religieuze beschouwingen. Daarnaast schreef hij 66 gedichten voor kinderen. Hij beschouwde het kind als een onbeschreven blad, dat deugden als gehoorzaamheid, eerbied voor de ouders en voor God en bescheidenheid aangeleerd kon worden. Zijn bekendste gedicht is 'De Pruimeboom' (zie Jantjeserf).
-
Eerste Hugo de Vrieshof
Genoemd naar zie Hugo de Vriestaan.
-
J.H. van Linschotenlaan
Genoemd naar Jan Huyghen van Linschoten (1563 - 1611), een Nederlandse koopman en ontdekkingsreiziger die aan de wieg stond van de 17e eeuwse zeevaart naar Azië. Na een verblijf in Indië van 1583 tot 1589 publiceerde Van Linschoten meerdere werken. Aan de hand van deze werken was Cornelis de Houtman in staat om de door de Portugezen geheim gehouden zeevaartroutes naar Indië te ontdekken. Dit was het begin van de handel met de Oost en leidde tot de oprichting van de Vereenigde Oostindische Compagnie in 1602 en het begin van de Gouden Eeuw. In 1594 nam Van Linschoten samen met Willem Barentsz deel aan de door Balthazar de Moucheron uitgeruste expeditie om via het noorden een route naar China en Indië te vinden. Ook op de tweede expeditie van Barentsz in 1595 was hij aanwezig.
-
Jan van der Heijdenstraat
Genoemd naar Jan van der Heyden (1637 - 1712), een Nederlandse schilder en uitvinder. Van der Heyden behoort tot de belangrijkste 17e eeuwse schilders van Nederlandse stadsgezichten. Hij combineerde het schilderen met een studie van de werktuigbouw-kunst, waardoor hij in 1669 een betere straatverlichting voor de stad Amsterdam kon ontwerpen. Hij was opzichter van de stadslantaarns en brandmeester bij het brandspuitgilde. Zijn fascinatie voor de brandbestrijding uitte zich in het verbeteren van de brandweerpomp in 1672 en in de uitvinding van de brandslang in 1690. Door zijn veelzijdigheid wordt van der Heyden wel 'de Nederlandse Leonardo da Vinci' genoemd.
-
Josine de Bruyn Kopsweg
-
Simon van der Stelhof
Genoemd naar zie Simon van der Stellaan.
-
Simon van der Stellaan
Genoemd naar Simon van der Stel (1639 - 1712), een Nederlandse ontdekkingsreiziger en gouverneur van de Kaapkolonie. Van der Stel is geboren onderweg naar Mauritius, waar zijn vader gouverneur werd. Na de dood van zijn ouders ging hij naar Nederland, waar hij in het bezit kwam van twee wijngaarden bij Muiderberg. In 1679 werd hij commandeur van de Kaapkolonie, toen nog een kleine nederzetting. Hij ondernam diverse expedities en was geïnteresseerd in botanie, het aanleggen van wijngaarden en het stoken van likeuren. Van der Stel wordt daarom beschouwd als één van de grondleggers van de Zuid-Afrikaanse wijnbouw. Bij de Eerste Rivier stichtte hij de naar hem vernoemde nederzetting Stellenbosch. Onder zijn leiderschap groeide de kolonie gestaag en in 1691 werd hij bevorderd tot gouverneur. In 1699 trad hij af; zijn zoon Willem Adriaan volgde hem op.
-
Tweede E.J. Potgieterstraat
Genoemd naar zie Eerste E.J. Potgieterstraat.
-
Tweede Hieronymus van Alphenstraat
Genoemd naar zie Eerste Hieronymus van Alphenstraat.
-
Tweede Hugo de Vrieshof
Genoemd naar zie Hugo de Vriestaan.
-
H.J.A.M. Schaepmanstraat
Genoemd naar dr. Hermanus Johannes Aloysius Maria Schaepman (1844 - 1903), een Nederlandse dichter, rooms-katholiek priester, theoloog en politicus. Na zijn wijding tot priester promoveerde Schaepman in Rome tot doctor in de theologie. In 1870 werd hij hoogleraar in de kerkgeschiedenis aan het seminarie Rijsenburg in Driebergen. In 1880 werd hij als één van de eerste katholieken en als eerste priester lid van de Tweede Kamer. Zijn invloed in de Kamer was groot: de christelijke kabinetten Mackay en Kuyper kwamen vooral door zijn inspanningen tot stand. Schaepman was ook dichter en prozaschrijver. Als maatschappelijk en politiek gezicht van de katholieken is hij van grote betekenis geweest voor de emancipatie van het katholieke volksdeel, sinds de Reformatie in de 16e eeuw een achtergestelde bevolkingsgroep in Nederland.
-
Mr. D.J. van Heusdestraat
Genoemd naar mr. Daniël Jacob van Heusde (1848 - 1910), een kantonrechter in Gouda, die zeer werd geacht om zijn humaniteit en weldadigheid. Van Heusde werd in 1883 griffier bij het Goudse kantongerecht. Na het overlijden van de kantonrechter mr. Van Mie-rop in 1889 werd hij benoemd als diens opvolger. In 1909 nam hij om gezondheidsredenen ontslag. Van Heusde, die ongetrouwd bleef, verrichtte zijn filantropische werkzaamheden liefst zo onopvallend mogelijk. Hij schonk belangrijke geldsommen voor de restauratie van de glazen in de Sint-Janskerk: in 1907 8000 gulden voor de restauratie van glas 8 en in 1908 nog eens 2000 gulden voor hetzelfde doel. Na zijn dood bleek hij voor het herstel van de Goudse glazen een legaat van 25.000 gulden te hebben vermaakt.
-
van der Duyn van Maasdamstraat
Genoemd naar graaf Adam François Jules Armand van der Duyn, heer van Maasdam (1771 - 1848), een Nederlandse officier en opsteller van de Grondwet 1815. Hij was kamerheer van de erfprins van Oranje (de zoon van stadhouder Willem V). Na het vertrek van de Fransen eind 1813 vormde hij met Van Hogendorp en Van Limburg Stirum het Driemanschap of 'Voorlopig Bewind'. Hij was het, die op 1 december 1813 de erfprins in Amsterdam niet verwelkomde als stadhouder Willem VI, maar als koning Willem I. In 1814 en 1815 maakte hij deel uit van de commissies die de Grondwet opstelden. Van 1817 tot 1844 was hij gouverneur van Holland. In 1848 benoemde Willem II, wiens hofmaarschalk hij was, hem tot Eerste Kamerlid om de voorstellen tot herziening van de Grondwet aan een meerderheid te helpen.
-
R.C. Bakhuizen van den Brinkstraat
Genoemd naar Reinier Cornelis Bakhuizen van den Brink (1810 - 1865), een Nederlandse literatuurcriticus, filosoof en historicus. Hij was medeoprichter van het maandblad 'De Gids' en wordt beschouwd als één van de voornaamste grondleggers van de ge-schiedeniswetenschap en de literaire kritiek in Nederland. Hij riep jonge auteurs op niet langer de klassieke standaard te volgen en de Hollandse tradities en waarden uit te dragen, maar een persoonlijke stijl te ontwikkelen en de moderne tijd als uitgangspunt te nemen. Als universitair docent in de filosofie vroeg Bakhuizen aandacht voor de nieuwe filosofische stromingen van het idealisme en neohumanisme in Duitsland. Als algemeen-rijksarchivaris (1854 - 1865) stelde hij als eerste een ontwerp voor een Archiefwet op.
-
Moordrechtse Doorsteek
-
Michiel Bisschopplantsoen
-
Boschplaat
-
De Slufter