-
Anna van Hensbeeksingel
Genoemd naar Anna van Hensbeek (1750 - 1808), een Goudse vroedvrouw. Zij behoorde tot een familie die al sinds het begin van de 16e eeuw in Gouda woonde en vele vooraanstaande burgers onder haar leden telde. Na de dood van haar echtgenoot kreeg zij in 1794 toestemming van het stadsbestuur om stadsvroedvrouw te worden. Zij ontwikkelde zich tot een uiterst bekwame vroedvrouw, die een grote reputatie genoot onder kraamvrouwen in Gouda. Anna kwam in conflict met het stadsbestuur, omdat zij weigerde ongehuwde kraamvrouwen pas te helpen nadat die onder ede hadden verklaard wie de vader van hun kind was. Vroedvrouwen waren dat verplicht, omdat anders de kosten van het kind ten laste van de stad kwamen. In 1796 werd het Anna verboden haar praktijk binnen de muren van de stad uit te oefenen. Zij zette haar werkzaamheden buiten de stad voort (zij woonde aan de Kattensingel net buiten de stadsmuren) en liet op haar uithangbord schilderen: 'Anna van Hensbeek, Vroedvrouw voor Buyte'. Haar patiëntenkring breidde zo uit, dat andere vroedvrouwen daarvan schade ondervonden en gingen protesteren bij het stadsbestuur. Anna mocht toen haar praktijk weer binnen de stadsmuren uitoefenen, maar moest deze in 1798 alsnog neerleggen. Daarna moest zij rondkomen van een karig legaat, verkregen na het overlijden van haar broer ds. Dirk van Hensbeek.
-
Anna van Meertenstraat
Genoemd naar Anna Barbara Schilperoort (1778 - 1853), gehuwd met predikant Hendrik van Meer-ten, pionier van de Nederlandse vrouwenbeweging. In 1798 werd predikant van Meerten beroepen naar Gouda. Toen tijdens de Franse bezetting het domineestractement verminderde en het echtpaar een groot deel van het spaargeld verloor, ging Anna van Meerten-Schilperoort rond 1810 een paar leerboekjes voor kinderen schrijven en opende ze een kleine meisjesschool. Geassisteerd door twee van haar dochters slaagde ze erin haar meisjesschool na het overlijden van haar man in 1830 uit te laten groeien tot een dag- en kostschool voor 'jonge jufvrouwen'. Als schrijfster beoefende ze uiteenlopende genres: boeken en almanakken voor kinderen, schoolboeken, zedelijke en godsdienstige verhandelingen voor adolescenten, adviesboeken voor meisjes en jonge vrouwen, reisverhalen, romans en historische karakterschetsen. Tussen 1821 en 1835 was ze eindredactrice van 'Penélopé', het enige vrouwentijdschrift dat in die tijd in Nederland op de markt was. Zij behoorde tot de oprichters van de 'Vereeniging tot hulpbetoon aan eerlijke en vlijtige armoede', hielp armen en zieken met geld en goede raad, stimuleerde jonge vrouwen in haar omgeving om zich met sociale zorg bezig te houden, ijverde voor spaarbanken voor de armen en was betrokken bij de drankbestrijding. Verder hield zij zich bezig met de leefomstandigheden en reclassering van vrouwelijke gevangenen.
-
Balthazar de Moucheronlaan
Genoemd naar Balthazar de Moucheron (1552 - 1630), een rijke koopman en reder aan het einde van de 16e eeuw in Middelburg. Hij was één van de initiatiefnemers van de poolreizen in het kader van het vinden van een noordoostelijke doorvaart naar Azië. De laatste van die drie poolreizen eindigde met de overwintering van Willem Barentsz en zijn gevolg op Nova Zembla. Later vestigde De Moucheron zich in Veere, waar hij onder meer de Veerse Compagnie oprichtte. De Veerse Compagnie zond in 1598 onder leiding van de broers Cornelis en Frederik de Houtman twee schepen naar Oost-Indië.
-
Belle van Zuylenpad
Genoemd naar Isabella Agneta Elisabeth van Tuyll van Serooskerken (1740-1805), beter bekend onder haar pseudoniem Belle van Zuylen, een Nederlandse schrijfster en componiste. Op twintigjarige leeftijd publiceerde zij anoniem haar eerste novelle 'Le Noble' in het Frans. Na haar huwelijk met Charles-Emmanuel de Charrière vestigde zij zich samen met haar echtgenoot in Colombier bij Neuchâtel in Zwitserland. Daar begon haar schrijfcarrière pas goed. Ze schreef (ook onder de naam Isabelle de Charrière) romans, brochures, toneelstukken, opera's, liederen en sonates voor klavier en dansen.
-
Burgemeester van Dijkesingel
Genoemd naar mr. Pieter van Dijke (1920 - 2003), burgemeester van Gouda van 1969 tot 1973. Van Dijke was een gereformeerde onderwijzerszoon. Tijdens de Tweede Wereldoorlog maakte hij deel uit van de Trouwgroep en verzorgde de distributie en verspreiding van het illegale blad Trouw. In 1982 ontving hij hiervoor van prins Bernhard het Verzetsherdenkingskruis. Na de oorlog maakte hij als oorlogsvrijwilliger de twee politionele acties in Nederlandsch-Indië mee, waardoor hij zijn rechtenstudie met enige vertraging voltooide. Daarna maakte hij carrière in het openbaar bestuur. Hij was achtereenvolgens gemeentesecretaris van Utrecht, burgemeester van Gouda, secretaris-generaal van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Commissaris van de Koningin in de provincie Utrecht (1980 - 1985). Na zijn pensionering was hij nog enige jaren voorzitter van de NOS (1985 - 1988 en 1990 - 1991).
-
Burgemeester van Hofwegensingel
Genoemd naar Christiaan van Hofwegen (1916 - 1989), burgemeester van Gouda van 1974 tot 1981. Van Hofwegen, telg uit een bekende Goudse familie, begon zijn loopbaan in het openbaar bestuur in 1935, als volontair op de secretarie van Reeuwijk. In 1937 werd hij secretarieambtenaar in Krimpen aan de Lek en van 1945 tot 1947 werkte hij op de secretarie in Rotterdam. In dat laatste jaar werd hij burgemeester van Nieuwe-Tonge op Goeree-Overflakkee. In 1958 werd hij gekozen tot lid van Provinciale Staten van Zuid-Holland voor de Partij van de Arbeid. Van 1960 tot 1974 was hij burgemeester van Sliedrecht. In 1974 werd hij benoemd tot burgemeester van Gouda, als opvolger van mr. P. van Dijke. In Gouda vervulde Van Hofwegen een groot aantal maatschappelijke functies. Ook na zijn pensionering bleef hij maatschappelijk actief. Zo was hij gedurende lange tijd bestuurslid van de woningbouwstichting Midden-Holland en vervulde hij een belangrijke functie in de Nationale Woningraad. Kort na zijn vertrek uit Gouda werd hij nog benoemd tot waarnemend burgemeester van Stolwijk. Deze functie vervulde hij tot 1985, toen Stolwijk door een herindeling van de Krimpenerwaard werd opgeheven als zelfstandige gemeente en onderdeel ging uitmaken van de gemeente Vlist.
-
Burgemeester van Reenenpad
Genoemd naar zie Burgemeester van Reenensingel.
-
Burgemeester van Reenensingel
Genoemd naar mr. Reinier Marinus van Reenen (1908 - 1968), burgemeester van Gouda van 1965 tot zijn overlijden. Van Reenen studeerde rechten aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. In 1935 trad hij in dienst van het Centraal Bureau van de Tuinbouwveilingen in Nederland, waar hij tot 1958, op het laatst als secretaris en hoofd van de afdeling organisatie, werkzaam bleef. In dat jaar werd hij wethouder van economische zaken van Den Haag, welke functie hij uitoefende tot hij op 1 maart 1965 werd benoemd tot burgemeester van Gouda. Dit ambt heeft hij slechts korte tijd kunnen vervullen. Na een langdurige ziekte overleed hij op 10 december 1968. Van Reenen vervulde naast zijn betaalde functie ook diverse onbetaalde functies op kerkelijk en maatschappelijk gebied.
-
C. Busken Huetstraat
Genoemd naar Conrad Busken Huet (1826 - 1886), een Nederlandse literatuurcriticus, essayist en romanschrijver. Zijn grootste kracht lag in de letterkundige kritiek. Hij leverde vlijmscherpe kritiek, soms op spottende toon, waarbij hij gevestigde schrijvers niet spaarde. Huet was aanvankelijk Waals predikant in Haarlem, maar kwam door zijn moderne opvattingen in conflict met zijn gemeente. Hij nam ontslag en trad in 1863 toe tot de redactie van het literaire tijdschrift 'De Gids'. Na een conflict binnen de redactie vertrok hij in 1868 naar Nederlandsch-Indië. Daar was hij werkzaam in de journalistiek en stichtte op Java het 'Algemeen Dagblad van Nederlandsch-Indië'. In 1878 keerde hij terug naar Europa en vestigde zich in Parijs. Zijn bekendste werken zijn 'Het Land van Rembrand' en zijn 26-delige 'Litterarische fantasien en kritieken'.
-
Christiaan de Wetstraat
Genoemd naar Christiaan Rudolf de Wet (1854 - 1922), een Zuid-Afrikaanse politicus en een Boe-rengeneraal tijdens de Tweede Boerenoorlog. De Wet leidde als generaal guerilla-aanvallen door Boeren in het zuidoosten van Zuid-Afrika. Als waarnemend president nam hij deel aan de vredesonderhandelingen in Vereeniging. Na de oorlog werd De Wet parlementslid, minister van landbouw van de Oranjerivierkolonie en lid van de Nasionale Konvensie in 1908/1909, waar overlegd werd over een nieuwe grondwet voor de Unie van Zuid-Afrika. Hij trad uit de politiek na de totstandkoming van de Unie in 1910. In 1914 was De Wet betrokken bij een poging tot een staatsgreep. Hij werd veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf maar werd na elf maanden vrijgelaten, waarna hij zich uit het openbare leven terugtrok.
-
De Blaauwe Haan
-
de Groene Vork
Genoemd naar de ligging van de weg in het Groenhovenpark, waarbij (gezien vanuit de Groenhovenweg) de weg zich splitst in noordelijke en zuidelijke richting, als de tanden van een vork. De weg was aanvankelijk nog met een derde 'tand' geprojecteerd, zodat deze er vanuit de lucht als een vork uitzag.
-
de Groene Wal
Genoemd naar het uiterlijk van de geluidswal, namelijk voorzien van beplanting. Begin jaren 70 van de 20e eeuw is een stortplaats ingericht met afbraakmaterialen van bouwwerken, snoeiafval, hakhout en boomstobben. Het vuil is afgedekt met een meter dikke laag grond en is grotendeels beplant met wintergroene gewassen, zoals hulst, taxus, laurierkers, vuurdoorn en cotoneaster, omdat men dacht dat deze gewassen een grote geluidwerende werking zouden hebben. Dit bleek vele jaren later niet meer het geval te zijn, omdat de wal ongeveer 4 m. was weggezakt in het veen. Op de Groene Wal staat ook bladverliezende beplanting: bomen zoals iep, ruwe berk, eik en watercipres en heesters zoals boerenjasmijn, veldesdoorn en meidoorn.
-
de Groene Zoom
Genoemd naar de ligging van de weg, die de sportvelden in het Groenhovenpark omzoomt.
-
de la Reylaan
Genoemd naar Jacobus Herculaas (Koos) de la Rey (1847 - 1914), een Boerengeneraal in de Tweede Vrijheidsoorlog van de Zuid-Afrikaanse Boerenrepublieken tegen Groot-Brittannië (1899 - 1902). Na de 'Vrede van Vereeniging' in 1902 vertrok hij naar Europa. In 1907 werd hij weer lid van het Transvaalse parlement en in 1910 lid van de Senaat van de Unie van Zuid-Afrika. Hij stierf toen de auto waarin hij reed een wegversperring (die was bedoeld om een criminele bende aan te houden) negeerde, waarna hij werd geraakt door een terugstuitende politiekogel. Zijn laatste woorden waren: 'Dit is raak'.
-
de Savornin Lohmansingel
Genoemd naar jonkheer mr. Alexander Frederik de Savornin Lohman (1837 - 1924), een Nederlandse christelijk-historische staatsman. De Savornin Lohman was aanvankelijk rechter. In de jaren 1879 - 1890 en 1894 - 1921 was hij lid van de Tweede Kamer, in 1890 - 1891 minister van Binnenlandse Zaken en van 1892 tot 1894 lid van de Eerste Kamer. Tussen 1884 en 1896 was hij ook hoogleraar staatsrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. In 1896 organiseerde hij de Vrij-Anti-Revolutionaire Partij, waaruit de Christelijk-Historische Unie voortkwam. Tot 1921 bleef hij de leider van de CHU en hoofdredacteur van het dagblad 'De Nederlander'. Hij had een groot aandeel in de grondwetsherziening van 1917 en in de voorbereiding van de nieuwe Wet op het lager onderwijs van 1920. Hij was tot op hoge leeftijd als minister van Staat één van de belangrijkste adviseurs van koningin Wilhelmina.
-
Derde Abel Tasmanhof
Genoemd naar zie Abel Tasmanlaan.
-
Eerste Abel Tasmanhof
Genoemd naar zie Abel Tasmanlaan.
-
Eerste Moordrechtse Tiendeweg
Genoemd naar een oude verbinding (tiendweg) tussen Gouda en Moordrecht. Door het graven van het Gouwekanaal in de jaren 1932 - 1936 werd de Moordrechtse Tiendeweg in twee delen gesplitst, wat in de naamgeving tot uitdrukking komt.
-
Eerste Willem Barentszhof
Genoemd naar zie Willem Barentszlaan.