-
Regest kloosters 964
Broeder Claes Suermont, pater, zuster Anna Goessendr, moeder, zuster Aeltgen Hubrechtsdr, ondermoeder, zuster Adriaen Joestendr, procuratrix, en gemeen- conventualen van St.-Maria Magdalena-godshuis verklaren de som van 100 Carolusguldens, aan het klooster bij testament door Elyzabeth Mathijs, weduwe van Henrick Wans, vermaakt , te hebben ontvangen, zodat het convent niets meer van de boedel te vorderen heeft.
-
Regest kloosters 965
Burgemeesters, schepenen, raad en vroedschap oorkonden, dat zij verkocht hebben aan Cornelis Dircxsz en zijn vrouw Alijd Floor Minnendr een lijfrente van 1 pond groten Vlaams per jaar, ten behoeve van Floris Cornelisz, kind van genoemde Alijd.
-
Regest kloosters 966
Schout, baljuw en gezworenen in de vrije heerlijkheid van het land van Stein oorkonden, dat Cornelis Thonisz verklaard heeft schuldig te zijn aan het convent van de Magdelenen een rente van 2 Carolusguldens per jaar, staande op een huis met 2 morgen land, gelegen in de Willens.
-
Regest kloosters 967
De erfgenamen van mr. Arent Willemsz sluiten een overeenkomst met Maritgen Pietersdr, weduwe van Ghijsbert Jacobsz, inhoudende, dat zij aan de laatste zullen restitueren een rente van 6 Carolusguldens per jaar, staande op een bleekveld, gelegen buiten de Dijkspoort; voorts een rente van 15 schellingen groten Vlaams per jaar, staande op een huis aan de Westhaven, en ten slotte een bedrag van 4 pond groten Vlaams, ineens te betalen.
-
Regest kloosters 968
Commissarissen van het Hof van Holland geven akte van willige condemnatie inzake het accoord, op 1 mei 1566 gesloten tussen de erfgenamen van mr. Arent Willemsz en Maritgen Pietersdr, weduwe van Ghijsbert Jacobsz.
-
Regest kloosters 969
Cornelis Jacobsz Houtman, Evert Jacobsz, Jan Aryensz en Pieter Lenertsz, timmerlieden en metselaars, brengen rapport uit over een taxatie, in opdracht van burgemeesters gedaan ten aanzien van de waarde van het klooster met erf van de Cellebroeders. Deze waarde wordt door hen - een rente van 7 Rijnse guldens buiten beschouwing gelaten - getaxeerd op 2500 Carolusguldens.
-
Regest kloosters 970
Schepenen oorkonden, dat Allert Dircxz. Prent heeft verkocht aan de pater van de Collatiebroeders een tuin, gelegen aan de Boelekade. Deze tuin wordt door de genoemde pater weer verhuurd aan Allert Dircxz Prent voor 6 Carolusguldens per jaar. De huur is aflosbaar door betaling van 100 Carolusguldens.
-
Regest kloosters 971
Schout en gezworen heemraden in het ambacht van Lekkerkerk oorkonden, dat Adriaen Gorisz zijn kleindochter Pietertje Dircxdr, wonende in het convent van St. Maria Magdalena, benoemt tot zijn erfgenamen, te zamen met haar broers en zusters; doch bij vooroverlijden van zijn kleindochter zal het convent niet in haar plaats erven.
-
Regest kloosters 972
Notaris Cornelis Jan Lenartsz instrumenteert, dat Hillegont Gerritsdr, weduwe van mr. Willem Willemsz, droogscheerder, aan haar dienstmaagd Marytgen Hubrechtsdr het vruchtgebruik van al haar goederen vermaakt, behalve nader te noemen legaten. Tevens bepaalt zij, dat na overlijden van deze aan het convent van St. Maria Magdalena 6 rentebrieven zullen komen. Daarvoor zal het klooster jaarlijks uitreiken aan het convent van de Clarissen op de sterfdag van de erflaatster 6 Carolusguldens tot een maaltijd, op Witte Donderdag 2 Carolusguldens voor wijn en wittebrood, in de vasten 6 Carolusguldens voor romanie; voorts aan het klooster van de Minderbroeders op het jaargetijde van haar overleden broeder 4 Carolusguldens voor gebraden spijs of wijn, terwijl 6 Carolusguldens worden bestemd voor het doen lezen van een wekelijkse mis op vrijdag in het Magdelenenconvent. Voorts doet zij nog makingen aan de St.- Janskerk voor het glas in het kruiswerk, voor gordijnen aan het hoogaltaar, voor het onderhoud van het sacramentshuis en voor waslicht; aan de armenschool; aan het convent van St. Agnes voor een maaltijd en aan enige familieleden.
-
Regest kloosters 973
Mr. Jan Suyrmont, pater, en Adriana Cornelisdr, mater van St. Maria Magdalenaklooster, verklaren ontvangen te hebben van de Heilige Geest-meesters in Den Haag 10 pond Hollands als lijfrente over een jaar voor haar geprofeste zuster Maritgen Jansdr.
-
Regest kloosters 974
Schepenen verklaren in een zaak tussen Jan Daemsz, als procurator van de kerkmeesters van St.- Janskerk, en de pater van de Magdalenen, eisers enerzijds contra Harman Sterre en Sybrant Adriaenenz, verweerders anderzijds, over het gebruik van de buitenvesten van de stad, beginnende bij het riool van de Tiendewegspoort tot aan de Sluistoren, genaamd de Bagijnenbrug, de eisers niet ontvankelijk.
-
Regest kloosters 975
Pater, mater en gemeen- conventualen van het St.-Maria Magdalena-zusterhuis verzoeken koning Philips II om het consent dat bisschop Rodolphus van Diephout in 1455 aan het klooster heeft gegeven en dat door hertog Philips van Bourgondië is goedgekeurd, te willen bevestigen en aan haar convent de vrijstellingen van de vier bedelorden te verlenen, zodat zij maximaal zullen mogen verkrijgen door erfenis of anderszins de rente van 50 Engelse nobelen, terwijl zij bovendien verzoeken, dat elke zuster hoogstens 4 pond groten Vlaams zal kunnen erven.
-
Regest kloosters 976
Schepenen oorkonden, dat Cornelis Jacobsz, molenaar, verkocht heeft aan het convent van de Magdalenen de helft van een schoeiing, gelegen aan de Bloemendaelse wetering, van welke schoeiing de andere helft reeds aan het convent toebehoort, en waarbij het convent het onderhoud van de helft van de straat daarnaast op zich neemt.
-
Regest kloosters 977
Schepenen van Antwerpen oorkonden, dat Andries Musch en Magdalena van Nispen, zijn vrouw, ingevolge een contract, op 26 juli 1569 gesloten tussen hen en heer Claes Zuyermont, pater van het klooster van Sinte Magdalenen in Gouda, overgedragen hebben aan dit convent een rente van 4 Carolusguldens per jaar, te lossen de penning 16, en uit te betalen na de dood van Magdalena van Nispen. De overdracht geschiedt onder verband van een huis, genaamd "de Swarte Mantel", gelegen in het Hopland te Antwerpen. Bovendien dragen zij nog twee renten resp. van 6 en 2 Carolusguldens over aan het klooster, ten behoeve van hun innocente nicht Marie Anthonisdr van Rosendaele, die in het convent woont.
-
Regest kloosters 978
Schepenen oorkonden, dat Jan Minnen Dircxz verklaard heeft ontvangen te hebben van de pater van het convent der Collatiebroeders de stukken, die de in de oorkonde geïnsereerde inventaris vermeldt. Deze stukken belooft hij weer aan de pater te zullen restitueren, krachtens een contract op 29 december 1569 gemaakt tussen hem, de pater en procurator van het Collatiehuis. Een en ander geschiedt onder verband van het huis van Jan Minnen Dircxz, gelegen in de Lange Groenendaal op de hoek van de Naaierstraat.
-
Regest kloosters 979
De schout van Bloemendaal verklaart ten overstaan van schepenen en secretaris van Bloemendaal, dat hij verkocht heeft aan het St.-Maria Magdalenaklooster een losrentebrief van 6 Karolusguldens per jaar, vermeld in de oorkonden, waardoor deze gestoken is.
-
Regest kloosters 980
Kastelein, schout, burgemeesters en schepenen verpachten aan de getijdenmeesters het varkensschouwen, voorgeschreven in de in afschrift bijgevoegde keur van 25 maart 1558, met dien verstande, dat het klooster van de Magdalenen zal zijn vrijgesteld van de daavoor verschuldigde betaling: slechts wanneer van wege het klooster het keuren van een varken gevraagd zal worden, zal daarvoor een "oortgen" verschuldigd zijn.
-
Regest kloosters 981
Schepenen oorkonden, dat Pieter Gerritsz, scheepstimmerman, verkocht heeft aan de pater van het convent van de Collatiebroeders een huis, gelegen buiten de Dijkspoort, welk huis door genoemde pater weder wordt verhuurd aan Pieter Gerritsz voor 6 Carolusguldens per jaar. De huur is aflosbaar door betaling van 100 Carolusguldens.
-
Regest kloosters 982
Schout en buurlieden in het land van Stein oorkonden, dat de pater, de moeder en de procuratrix van het convent van St. Maria Magdalena verkocht hebben aan de weduwe van Gerrebrant Jansz een rente van 2 pond Vlaams 8 stuivers per jaar, onder verband van een stuk land, gelegen in de Willens, zich uitstrekkende van de IJssel tot de Achterkade, terwijl de prior en procurator van het regulierenklooster te Gouda, zich voor het klooster van St. Maria Magdalena borg stellen.
-
Regest kloosters 983
Schepenen oorkonden, dat Jan Jansz heeft verkocht aan de pater van het convent van de Collatiebroeders, ten behoeve van het klooster, een huis in de Komijnstraat, belast met 14 stuivers aan gemortificeerde renten. Dit huis wordt door de pater weer verhuurd aan Jan Jansz tegen een huurprijs van 5 schellingen groten Vlaams per jaar, welke huur aflosbaar is door betaling van 4 pond groten Vlaams.