Regesten uit de archieven van de kloosters te Gouda

Collectie

Objecten

Geavanceerd zoeken
  • Regest kloosters 864
    Poweles Florisz verklaart verkocht te hebben aan mr. Lambrecht Willemsz van Delf, een rente van 2 pond per jaar, bedoeld in de oorkonde, waardoor deze gestoken is.
  • Regest kloosters 865
    Schout en gezworenen in het ambacht van Gouderak oorkonden, dat Joris Dirckz. verklaard heeft schuldig te zijn aan Nanne Henricxdr, weduwe van wijlen Henrick Gheritz. Scauerdack, 6 Karolusguldens per jaar aan rente, staande op 4 1/2 morgen land, gelegen in het genoemde ambacht. De rente is losbaar met 100 Karolusguldens.
  • Regest kloosters 866
    Schepenen oorkonden, dat Aefgen Zyvertsdr, weduwe van Martijn Jacobsz, verkocht heeft aan het convent van de Collatiebroeders een rentebrief van 1 mei 1525 van 9 schilden per jaar, waardoor deze akte gestoken is (reg.nr. 807).
  • Regest kloosters 867
    Schout en gezworenen in het land van Stein oorkonden, dat Dirck Maertijnsz verklaard heeft schuldig te zijn aan de pater of het gemeen- convent van de Collatiebroeders 12 Karolusguldens per jaar aan rente, staande op een huis met 10 morgen land, gelegen in Kort Haarlem, zich uitstrekkende vandaar noordwaarts tot de landscheiding (O = de Reeuwijker kade; W = de Alpherwetering). De rente is losbaar door betaling van 200 Karolusguldens.
  • Regest kloosters 868
    .... Willemz. verklaart ontvangen te hebben van het Sint Agnieten- zusterhuis ter Goude de som van 25 pond 2 schellingen als voldoening voor de helft van het aandeel, dat dit klooster verschuldigd is in de geestelijke subsidie, welke de paus aan de keizer vergund heeft op de clerus te heffen.
  • Regest kloosters 869
    Schout en gezworenen in het ambacht van Gouderak oorkonden, dat Derick Pieterz verklaard heeft schuldig te zijn aan het convent van de Collatiebroeders 15 Karolusguldens per jaar aan rente, staande op een huis met 3 viertel land, zich uitstrekkende vanuit de halve IJssel tot de landscheiding. De rente is losbaar de penning 16.
  • Regest kloosters 870
    George van Egmond, bisschop van Utrecht, verbiedt ten strengste aan de paters of fraters Nicolaus Gherardi en Hieronimus Nicolai, alsmede aan Zuster Geertrudis, priorin van het klooster S. Brigitta te Gouda, de door hen begonnen vervreemding en bezwaring van aan het klooster toebehorende kleinnodiën, boeken en gebruiksvoorwerpen voort te zetten. Voorts verbiedt hij aan ieder om zonder zijn toestemming een en ander te bewaren of te verhandelen, onder bedreiging met excommunicatie en het belopen van een boete van 200 Karolusguldens. Ten slotte is ieder, die daartoe in staat is, verplicht het vervreemde te restitueren. Bij nalatigheid zal de vicaris van de bisschop, Joannes van Goch, kannunik van S. Salvator, tegen de overtreders in rechten kunnen optreden.
  • Regest kloosters 871
    Schout en gezworenen in het ambacht van Stolwijk oorkonden, dat Joest Dircxsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Gijsbert Bouwensz 12 Karolusguldens per jaar aan rente, staande op zijn huis met 7 morgen land, alsmede op 3 morgen land, beide gelegen westelijk van de Gouweweg, en op nog 2 morgen land.
  • Regest kloosters 872
    ..... Willemz. verklaart ontvangen te hebben van het Sint Agnietenzusterhuis ter Goude de som van 25 pond 2 schellingen als voldoening voor de tweede helft van het aandeel, dat dit klooster verschuldigd is in de geestelijke subsidie, welke de paus aan de keizer vergund heeft op de clerus te heffen ter zake van de oorlog met de Turken, met dien verstande, dat daarvan in mindering gebracht is een bedrag, door dit convent in het jaar 1543 betaald als zijn bijdrage in de 10e penning.
  • Regest kloosters 873
    Schepenen oorkonden, dat Folpaert Aertsz, Ghijsbrecht Jansz Moeul en Jan Cornelysz Loos, vaders van de Arme Fraters, ontvangen hebben van Willem Willemsz Vroesen een akte van 6 schilden per jaar aan rente, staande op een stuk land, gelegen in Gouderak. Daarvoor zullen de fraters, na het overlijden van Willem Vroesen en zijn vrouw Machtelt Foppendr, en voorts ieder jaar in de kerk van het convent van de Collatiebroeders voor de zielerust van elk hunner een jaargetijde houden. Op die dagen zullen voor de fraters hoenders of andere vogels en een "kindeken" boter gekocht worden.
  • Regest kloosters 874
    Karel V, Rooms-Keizer, beveelt aan zijn rechters, officieren en onderdanen - op verzoek van de pater van het heer Florenshuis, visitator-generaal der kloosters, staande onder het kapittel van Zwolle - niet mede te werken tot enige teruggave van goederen of lijfrenten, vroeger in die kloosters ingebracht door thans afgevallen religieuzen.
  • Regest kloosters 875
    mr. Dirck Remboltz., prior, Marrygen Ewoudtsdr, mater, en de gemeen-zusteren van Sinte Agnietenconvent, verbinden zich een goot, die het Magdalenaklooster vergund heeft op zijn grond te maken, in goede staat te onderhouden in overeenstemming met het contract van 25 augustus 1495. Voorts is door 2 arbiters uitgemaakt, dat de mest van de koeien, behorende aan het S. Agnietenconvent, zal mogen worden opgeslagen achter dit klooster op het terrein van de Magdalenen, mits deze mest zo spoedig mogelijk wordt weggehaald.
  • Regest kloosters 876
    Schepenen oorkonden, dat de Heilige-Geestmeesters verklaard hebben schuldig te zijn aan de Arme Fraters 1 pond groten per jaar aan rente, losbaar de penning 15. De rente is afkomstig van een akte van 10 februari 1504, lopende op de stad Gouda en staande ten name van Catrijn Gerrit Wrederickszoonsdr, welke akte door de Heilige- Geestmeesters en de vaders der Arme Fraters gemeenschappelijk gekocht is van meester Gerrit den Oesterlingh.
  • Regest kloosters 877
    Schout en gezworenen in het ambacht van Bodegraven oorkonden, dat Adriaen Henrickz. verklaard heeft schuldig te zijn aan Jan Gerytz. Heye 6 Karolusguldens per jaar aan rente, staande op 19 1/2 morgen land, gelegen in het ambacht van Bodegraven, zich uitstrekkende zuidelijk van de Rijn tot de Korte Hoven. De rente is losbaar met 16 pond groten Vlaams.
  • Regest kloosters 878
    Pater, priorin, subpriorin, procuratrix en het gemeen-convent van het Sinte Margrietenklooster erkennen ontvangen te hebben van Alijt Cornelis Aertszoon's weduwe 16 pond Vlaams tegen een rente van 6 Carolusguldens per jaar, staande op 2 viertel land, gelegen in de Willens in het land van Stein. De rente is losbaar de penning 16.
  • Regest kloosters 879
    Schout en gezworenen in het ambacht van Gouderak oorkonden, dat Claes Ghijbertsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Willem Willemsz Vroesen 6 schilden per jaar aan rente, staande op 6 morgen land, gelegen in genoemde ambacht, zich uitstrekkende vanuit de IJssel tot de landscheiding. De rente is losbaar met 100 schilden.
  • Regest kloosters 880
    Notaris Theodericus Alberti Zeyst instrumenteert, dat Gijsbert Bouwensz Verdeel, poorter der stede van der Goude, tot zaligheid zijner ziel en tot lafenis van de ziel zijner ouders, aan de pater, procurator en gemeen-broeders, genaamd de Collatiebroeders, gegeven heeft 2 rentebrieven, gezamenlijk een rente opbrengende van 4 pond groten Vlaams per jaar, onder voorwaarde dat het klooster jaarlijks gedurende 48 weken een brooduitdeling onder de armen zal houden, met dien verstande dat wekelijks zoveel brood zal worden verstrekt als men voor 10 stuivers kan kopen. Bij lossing der rentebrieven zullen de gasthuismeesters van het S. Catharinagasthuis het klooster van advies dienen.
  • Regest kloosters 881
    Pater en gemeen-convent van de Collatiebroeders verklaren ontvangen te hebben van Gijsbert Bouwensz Verdeel, ten behoeve van de armen, twee rentebrieven resp. van 2 juni 1533 (regest nr. 830) en van 13 juni 1544 (regest nr. 871), gezamenlijk ter waarde van 24 Karolusguldens min 2 stuivers, onder voorwaarde, dat het klooster elk jaar gedurende 48 weken zoveel stukken brood aan de armen zal uitdelen als men voor 10 stuivers kopen kan. De gasthuismeesters van het St.-Catharinagasthuis zullen op de uitvoering toezicht houden.
  • Regest kloosters 882
    Notaris H. Wittez instrumenteert, dat de Cellebroeders van het convent van Sint Alexius, met name Govert Anthonisz, pater; Cornelis Ghijsbrechtsz, procurator; Daniel Jansz, Willem Jacobs en Claes Cornelisz, capitularen, verklaard hebben, dat zij ten behoeve van Aelbrecht Hermansz, klerk van het bisdom Utrecht, een officie van 5 missen per week in hun kerk stichten, waarvoor een rente van 22 Carolusguldens per jaar is vastgelegd. Voorts geeft Baert Aelbrechtsz, zijn oom, als supplement een officie van 1 mis per week, indertijd door zijn moeder gesticht in de Lazarenkerk te Gouda, waarvoor een rente van 4 Carolusguldens per jaar is uitgezet, staande op 8 morgen land, gelegen in de Nieuwenbroek. Een en ander is bestemd om te dienen als een titel voor de wijding van de begunstigde.
  • Regest kloosters 883
    Schout, burgemeester, schepenen en raad der stad van Utrecht oorkonden, dat zij verkocht hebben aan Anna Saris Roloffszoonsdr, zuster in het convent van Sint Agnieten ter Goude, een lijfrente van 11 gouden Carolusguldens per jaar tegen een bepaalde som geld, die zij besteed hebben voor het voltooien van het hoofd te Hagesteyn en het graven en op diepte houden van de vaart.