-
Regest kloosters 232
Schepenen van Schoonhoven oorkonden, dat Gheryt van Roden aan Dirc Beynken ten behoeve van de zusteren van Sinte Margrieten te Gouda heeft afgestaan de rechten, hem verleend bij de akte, waardoor deze gestoken is.
-
Regest kloosters 233
Schout en buurlieden in Haestrecht oorkonden, dat heer Bouwen Claesz verkocht heeft aan het convent der Carmelieten te Schoonhoven 2 Engelse nobels per jaar aan rente, staande op 6 1/2 morgen land, gelegen in Billick naast de kerk, onder verband van 1 Engelse nobel, eveneens staande op het genoemde land, welke zijn eigendom gebleven is.
-
Regest kloosters 234
Dirc van Zulen oorkondt, dat Ghijsbrecht van den Vliet, ten overstaan van Jan van den Zevendaer en Jan Jacobsz als "mannen", hem heeft overgedragen 1 viertel land, gelegen in het land van Stein, en dat hij daarna dit land weer heeft overgedragen aan Pieter Claesz, terwijl aan de laatste door de beide eerstgenoemden daarvoor vrijwaring beloofd wordt (O = Otte Boric van Amerongen; W = Ghijsbrecht van den Vlyet).
-
Regest kloosters 235
Schout en buurlieden in het land van Stein oorkonden, dat Dirc van Zulen heeft overgedragen aan Pieter Claesz 1 viertel land, gelegen in het land van Stein (O = Otte Boric van Amerongen; W = Ghijsbrecht van den Vlyet).
-
Regest kloosters 236
Schepenen oorkonden, dat Jan Bever verklaard heeft schuldig te zijn aan Henrick Pietersz 23 schellingen 4 penningen Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis aan de Niuewehaven (W = Jan van Moert; O = Dirc Damenz.).
-
Regest kloosters 237
Schepenen oorkonden, dat Herman Willemsz en Coen Pauwelsz gepacht hebben van Martijn Claesz 2 morgen land gelegen in het land van Stein tussen de Tiendeweg en de IJsseldijk (W = Mye Dyrc Bruunsz weduwe en Katrijn Jan Geerlofsz weduwe; O = Wouter Gerytsz en heer Jacob Gerytsz), tegen een pachtsom van 3 1/4 Engelse nobel, onder verband van het genoemde land en van een daarop staande windmolen, alsmede van een erf met windmolen, toebehorende aan Harman Willemsz, gelegen aan de Tiendweg (O = Dirc Bendekijns erfgenamen; W = Aernt Boel).
-
Regest kloosters 238
Schepenen oorkonden, dat Aernt Cloec verklaard heeft schuldig te zijn aan Claes Hughenz. 1 pond Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis aan de Nieuwehaven (W = Dirc Jacobsz; O = Aechte Lambrechtsdr).
-
Regest kloosters 239
-
Regest kloosters 240
Schepenen oorkonden, dat Claes Jacobsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Willem van Zanen 1 pond Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in Hontscoep, met welke akte een andere van 3 december 1406 geannuleerd is (W = Jacob Pietersz; O = Melijs Willemsz).
-
Regest kloosters 241
Schepenen oorkonden, dat heer Jacob van der Goude, priester, en Harman Jacobsz aan Dirck Willam Rutgaertszoonsz vrijwaring beloofd hebben voor 5/6 gedeelte van de rente, staande op een hofstede, groot 73 roeden, gelegen in de Korte Akkeren (W = de Lazarussen), welke rente 5 schellingen bedraagt op elke roede grond, terwijl 1/6 gedeelte van de rente verblijft aan heer Jacob van der Goude. De vrijwaring geschiedt onder verband van 5 kameren en erven, die de laatste heeft in de Hofstraat (Z = de Begijnen), alsmede op een huis, toebehorende aan Harman Jacobsz gelegen in de Twijstraat (Z = Dirck die Poerters).
-
Regest kloosters 242
Schepenen oorkonden, dat Jan Ghijsbrechtsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Katrinen Hobbe Welfszoon's weduwe 1 pond Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Peperstraat (N = Ghijsbrecht van Hekendorp; Aernt Goeswijnsz).
-
Regest kloosters 243
Schepenen oorkonden, dat Ewoud Allaertsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Willem Allaertsz 2 Engelse nobels per jaar aan rente, staande op zijn huis, gelegen bij de Tillebrugge (Z = Dirc Sonderdanck; N = coman Pieter Kansz mitter kercksteeg). Met deze oorkonde is een oudere van 24 april 1415 geannuleerd.
-
Regest kloosters 244
Schepenen oorkonden, dat Jan Pic verklaard heeft schuldig te zijn aan Jonge Geryd Gerydsz' weeskinderen, te weten Lysbet, Willeburch en Gerycken, 2 pond Hollands per jaar aan rente, staande op de helft van zijn huis aan de Goude (O en W = Mathijs Aernt Picxz).
-
Regest kloosters 245
Schepenen oorkonden, dat Aernt van Ynghelen verklaard heeft schuldig te zijn aan Vyvien Timensz 2 Engelse nobels per jaar aan rente, staande op zijn huis aan de Vismarkt (O = Jan Dirc Roversz; W = Steven Daemsz).
-
Regest kloosters 246
Schepenen oorkonden, dat Claes Dircz. verklaard heeft schuldig te zijn aan meester Jan Dircz., priester, zijn broeder, 6 Engelse nobels per jaar aan rente, staande op zijn huis aan de Sluys (Z = Outzier Gillisz; N = Willem Heynricxz.).
-
Regest kloosters 247
Schepenen van Schoonhoven oorkonden, dat Jan Bartoutsz, Bartout Bartoutsz, en Gijsbrecht de Jonghe (als voogd van Fye Bartoutsdr), alsmede Gheryt "van den ouden sloot" en Bartout Bartoutsz, als verwanten van Hildegonda Gerytsdr, hebben gegeven ten behoeve van Margriet Bartout Janszoonsdr., wonende te Gouda in het zusterhuis van Sinte Margrieten, een rente van 1 gouden Engelse nobel per jaar, staande op het huis, waarin haar vader gewoond heeft, gelegen in Schoonhoven, onder voorwaarde, dat Pieter Wyersz of zijn nakomelingen deze rente zullen mogen overbrengen op een ander gelijkwaardig huis
-
Regest kloosters 248
Schepenen van Schoonhoven oorkonden, dat Margriet Bartout Jansdr heeft overgegeven aan Harman Martijnsz, ten behoeve van de zusters van Sinte Margrieten te Gouda, het recht, dat zij had op de akte, waardoor deze gestoken is.
-
Regest kloosters 249
...... geeft vidimus(?) van een bul van Paus Martinus V van 23 maart 1418, waarbij deze aan het stadsbestuur van Gouda toestemming verleent tot de stichting van een klooster van de Minderbroeders.
-
Regest kloosters 250
Schepenen oorkonden, dat Mathijs Gerytz. verklaard heeft schuldig te zijn aan Gherit Hughenz., zijn vader, 2 Engelse nobels per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Tienwegt (O = Dirc Janz. van Goch; W = meester Jacob Pietersz die gousmit).
-
Regest kloosters 251
Schepenen oorkonden, dat Jacob Willemsz bij een panding gewonnen heeft 1 Engelse nobel per jaar aan rente, staande op een huis, orsmolen en erf, toebehorende aan Pieter Gherytsz, gelegen in de Reghenboghe, met welke akte een andere van 23 oktober 1416 geannuleerd is (W = Pieter Jansz die smit; O = Nijclaes Kerstensz).