Regesten

Collectie

Objecten

Geavanceerd zoeken
  • Regest kloosters 172
    Schepenen oorkonden, dat Huussen Pietersz aan Kerstiaen Jansz vrijwaring beloofd heeft voor 3 roeden land, die hij hem verkocht heeft, en welke gelegen zijn achter zijn huis in de Raamstraat, met dien verstande, dat Huussen Pietersz een greppel tot afvoering van regenwater behouden zal (tussen Hobbe Gheddenz en Dyrc Jansz die uutreyder).
  • Regest kloosters 173
    Schepenen oorkonden, dat Claes Jelysz verklaard heeft schuldig te zijn aan Vrederic Divel 42 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis aan de Korte Gouwe bij de Nieuwehaven (Z = Dirc Claesz; N = Vrederic Divel).
  • Regest kloosters 174
    Schepenen oorkonden, dat Heynric Bottermanz. verklaard heeft schuldig te zijn aan Aelbrecht Jacobsz 40 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in Groenendaal (W = Heyn Wictenz; O = Hughe Willamsz).
  • Regest kloosters 175
    Schepenen oorkonden, dat Weyndelmoet Jan Ottenzoons' weduwe verklaard heeft schuldig te zijn aan Lijsbeth Vrijensendr 5 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op haar kamer en erf, alsmede op een door haar aan Lijsbeth Vrijensendr verpacht erf, beide gelegen in de Boomgaardstraat (W = Claes Jansz; O = Gheryd Lyclaesz).
  • Regest kloosters 176
    Schepenen oorkonden, dat Alyt Dircxdr. verklaard heeft schuldig te zijn aan Jan Gelijsz en Claes Gelijsz 40 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op haar huis in de Peperstraat (N = Hughe Jansz weeskinderen; Z = Claes die Vryesen weduwe), mede onder verband van het huis van Alyd Mouwerijn's weduwe, gelegen in de Komijnsteeg (W = Langhe Dircx weduwe; O = Claes Woutersz).
  • Regest kloosters 177
    Schepenen oorkonden, dat Jan Bigghe verklaard heeft schuldig te zijn aan Jan Gherydsz 1 pond Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Vogelenzang (Z = Kerstant Lyclaesz; N = Hughe Paep).
  • Regest kloosters 178
    Schepenen oorkonden, dat Dirck Jan Wouterszoonz. verklaard heeft schuldig te zijn aan Gerborch Willem Allaertszoon's weduwe 4 pond Hollands per jaar aan rente, staande op 38 roeden land, gelegen achter de Koningstraat (W = der stede vesten; O = het waterschap van de Koningstraat).
  • Regest kloosters 179
    Schepenen oorkonden, dat Jan Bigghe verklaard heeft schuldig te zijn aan Willam Gherydsz 1 pond Hollands per jaar aan rente, staande op een huis in de Vogelenzang (N = Hughe Paep; Z = Kerstant Lyclaesz).
  • Regest kloosters 180
    Notaris Wilhelmus Henrici instrumenteert, dat Machteldis, weduwe van Cosijn, Ghertrudis, dochter van Johannes Emout, en Ava Kerstantsdr, geprofeste tertiarissen van het Utrechtse bisdom, aan het Goudse tertiarissenconvent in eigendom schenken een huis met een kapel en toebehoren, ter ere van God en van de H. Margareta gebouwd aan de zuidzijde van de Hofstraat. Ghertrudis geeft bovendien 9 Hollandse ponden, jaarlijks te betalen uit enige huizen en uit de opbrengst van een lijndraaierij, gelegen in het oosten van de stad. Ava geeft de helft van dertien bunder land, gelegen in het land van Stein. Uit de opbrengst van een en ander zal mede het onderhoud van een priester bekostigd worden, door de zusters mettertijd te kiezen, die de kerkelijke diensten in de kapel zal waarnemen. De zusters verzoeken aan de bisschop van Utrecht het huis tot een klooster te maken en daaraan de kerkelijke vrijheden te verlenen.
  • Regest kloosters 181
    Bisschop Frederik van Blankenheim staat toe aan Mechteld, weduwe van Cosijn, Gheertrudis, dochter van Johannes Emout, en Ava Kerstantsdr, tertiarissen te Gouda, hetgeen zij gevraagd hebben in de akte, waardoor deze gestoken is, met dien verstande dat de zusters de Paascommunie zullen ontvangen in haar eigen parochiekerk en dat ook overigens de rechten van de parochiekerk onaangetast zullen blijven.
  • Regest kloosters 182
    Aelbrecht, hertog in Beieren, neemt het convent der tertiarissen, staande in de Hofstraat te Gouda, in zijn bescherming en staat aan de zusters toe in haar kapel een vicarie te stichten.
  • Regest kloosters 183
    Schepenen oorkonden, dat Claes Jansz verklaard heeft schuldig te zijn aan Andries die Beer 30 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Comynsteeg (O = Jan Aelbrechtsz; W = Godelt Claeszdr.) onder verband van een ander huis van Claes Jansz, gelegen in de Keyserstraat (Z = Lysbet Jan Rofts weduwe; N = Ave Claes Louwez. weduwe).
  • Regest kloosters 184
    Schepenen oorkonden, dat Willem Claes Aechtenzoonsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Lijclaes Florysz 1 pond Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Koningstraat (Z = Copkiin Costersz; N = Dirc Heyn).
  • Regest kloosters 185
    Schepenen oorkonden, dat Symon Tarseysenz en Vrederic Dijvel verklaard hebben schuldig te zijn aan Gheen Jansz 5 pond Hollands per jaar aan rente, staande op een boomgaard en een hofstede, die hij hun verpacht heeft, en welke gelegen zijn buiten het Potterspoorthuis tussen "der stede singhel" en "de kaa van den Cortackers" (Z = Jacob van der Goude; N = Gheen Jansz).
  • Regest kloosters 186
    Schepenen oorkonden, dat Jan Jacobsz verklaard heeft schuldig te zijn aan Heerbrant IJsbrantsz 10 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Keyserstraat (Z = Ghijsbert Claesz; N = Willam Vrancken).
  • Regest kloosters 187
    Schepenen oorkonden, dat Allaert Tielmansz verklaard heeft schuldig te zijn aan Geertrude Jansdr ten behoeve van de "ghemeenen zusteren" 40 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis in de Hofstraat (N = Egaert Cruvenz. en Pieter Paneel; Z = heer Jan Camerlinc).
  • Regest kloosters 188
    Schout en buurlieden in het land van Stein oorkonden, dat Jan van Santen Hughenz. in erfpacht gekregen heeft van Claes Mathijsz 1 1/2 viertel land, gelegen in Traenoghe in het land van Stein, tegen een rente van 3 Engelse nobels per jaar, onder verband van het verpachte land en het huis, dat daarop staat (W = Heynric die Lewe; O = Jan van Santen).
  • Regest kloosters 189
    Schepenen oorkonden, dat Geertruud Claes die blochouwer's weduwe verklaard heeft schuldig te zijn aan Dirc Claesz 40 schellingen Hollands per jaar aan rente, staande op haar huis in de Naeyerstraat (N = Jan die slotemaker; Z = Geertruud Claes die blochouwers wed).
  • Regest kloosters 190
    Schout en buurlieden van Bodegraven oorkonden, dat Ruusch van der Hede aan zijn broeder Jan van der Hede in eigendom heeft afgestaan 4 hont land, gelegen in het Smak Weer, en dat dit land door deze aan zijn broeder Ruusch in eeuwige erfpacht is gegeven tegen een rente van 1 1/2 Ghentsche nobel per jaar (N = IJsbrant Gherytz.; Z = Jacob Minne zelf).
  • Regest kloosters 191
    Schepenen oorkonden, dat Jacob Hermenz. verklaard heeft schuldig te zijn aan Jacob Minnen Florysz 11 pond Hollands per jaar aan rente, staande op zijn huis aan de Oosthaven